

Kinderkerstspel
2005
 Mag
ik jullie voorstellen? Dit zijn Laura en Fleur. Ze zijn dikke vriendinnen.
Je ziet dat ze achter de computer zitten. Vandaag zijn ze met elkaar
mee naar huis gegaan, omdat ze nog een werkstuk af moeten maken. Op
school zijn ze bezig met de voorbereidingen voor het kerstfeest. Laura
en Fleur moeten een werkstuk maken over het kerstfeest.
"Nou Laura, we moeten dus iets opschrijven over het Kerstfeest.
Lijkt me een makkie. We schrijven even wat over het kindje in de kribbe,
de kerstboom, de kaarsen, cadeaus, het lekkere eten, over op bezoek
gaan bij familie en zo, en klaar is kees. Dan hebben we nog genoeg tijd
over voor iets anders."
"Klinkt goed" zegt Laura. "Maar wat zei je nou over cadeaus?
Die krijg ik nooit op het kerstfeest hoor."
"Nee? Ik dacht dat dat typisch bij kerst hoorde." "Bij
jou misschien, maar bij ons niet."
"Nou ja," zegt Fleur "maar toch blijft het een makkie."
"Ik
weet het niet. Wij gaan met kerst naar de kerk, jij weer niet. Jij krijgt
cadeaus, ik niet.
Nou ja, in de kerk krijg ik wat en op school, maar niet zoals jij. Jij
viert het kerstfeest anders dan ik. Misschien is dat overal op de wereld
wel zo. Vieren mensen aan de andere kant van de wereld het wel heel
anders dan wij hier. Het lijkt me wel leuk om dat te onderzoeken."
"Hè nee, wat zit je weer moeilijk te doen. Dan duurt het
eeuwen voor we klaar zijn. Ik wil zo graag nog iets anders doen."
"Dat snap ik. Weet je wat? We proberen het even en als het dan
leuk lijkt gaan we door. Lukt het niet dan stoppen we en maken we het
verhaal zoals jij het voorstelt."
"Goed dan" zegt Fleur. "Maar hoe moeten we nu te weten
komen hoe andere mensen het kerstfeest vieren?
"Nou, ik dacht, als we nu eens op internet zoeken naar kerken.
Die weten alles van het kerstfeest. En dan mailen we daar naar toe om
informatie."
De meisjes zoeken rond op het internet. Al snel
hebben ze een site met een kerk uit Duitsland. Het e-mailadres van de
dominee staat erbij. Snel mailen ze naar de predikante.
Toevallig zit zij net aan de kerstpreek te werken. Als ze de mail ontvangt
stuurt ze gauw een berichtje terug.

“
Dag Laura en Fleur. Wat leuk dat jullie vragen hoe wij hier het kerstfeest
vieren. Ik zou jullie graag meer vertellen, maar mijn preek moet af.
Daarom geef ik jullie het adres van Wilhelm, een jongen van jullie leeftijd.
Hij kan meer vertellen.
Een gezegend kerstfeest, ds. Weihnachten."
"Wauw, we hebben al antwoord. Gauw die Wilhelm mailen."
Wilhelm mailt dezelfde dag nog terug. Hij schrijft:
"Ds.
Weihnachten vroeg of ik jullie iets over ons kerstfeest wilde schrijven.
Dat wil ik wel. Al zou het leuker zijn als jullie het bij ons mee konden
vieren. Het is hier nameljk heel gezellig. Midden in onze stad staan
kraampjes waar ze heel veel kerstversiering verkopen. Ook kun je er
de mooiste bomen uitzoeken. Die zetten we dan de avond voor kerst in
huis en versieren haar mooi. De boom is een teken van het nieuwe begin
dat we met Kerst vieren, de geboorte van Gods Zoon."

Fleur zegt: "Nou, kijk, werkstuk klaar. Dit is precies hetzelfde
als bij ons."
"Oké maar laten we nog eens wat verder kijken."
|
Laura
en Fleur zoeken opnieuw onder kerken. Ditmaal komen ze terecht in India.
"Spannend,
India. Dat ken ik niet zo goed. Waar ligt dat ook alweer?"
"Lekker ver weg hè" zegt Laura. "Misschien kennen
ze daar het kerstfeest niet eens."
Fleur mailt snel naar de kerk in India. Het duurt
niet lang of zij krijgt een antwoord. Dit keer heeft Fleur geluk: een kind
heeft haar mail gelezen.
Ze schrijft:
"Hallo, ik heet Indira. Mijn moeder heeft geen tijd om terug te mailen.
Ze is heel druk met de voorbereidingen voor het kerstfeest. Wij maken ons
hele huis schoon en alle kleren worden gewassen om straks feest te kunnen
vieren. En mijn vader is er ook niet. Hij is weg om een bananenboom uit
te zoeken. Die gaan we versieren. En, oh ja, bij de voordeur hangt een ster,
zodat iedereen weet dat wij uitzien naar het kerstfeest. Ik heb er veel
zin in!"
"Interessant
zeg," zegt Laura. "Het lijkt veel op bij ons, behalve dan dat
van het huis schoonmaken. Mijn moeder maakt juist overal troep. Tenminste,
dat vind ik. Al die kerstdingetjes overal. Ik kan soms de afstandsbediening
voor de televisie niet eens vinden."
"Ik vind het allemaal best hoor Laura. Maar eigenlijk ben ik er wel
klaar mee. Die kinderen vertellen wat wij al weten."
"Eigenlijk zouden we elkaar moeten zien, met elkaar praten en zo. Dan
zie je misschien meer verschillen."
"Lekker dier ben jij. Elkaar zien. Hoe kan dat nou. We kunnen toch
niet naar India?"
"Nou ja, bij kerstfeest hoort ook een reis. Weet je nog, van Jozef
en Maria?" |

In die tijd kondigde keizer Augustus een bevel af
dat alle inwoners van het rijk zich moesten laten inschrijven. Deze eerste
volkstelling vond plaats tijdens het bewind van Quirinius over Syrië.
Iedereen ging op weg om zich te laten inschrijven, ieder naar de plaats
waar hij vandaan kwam. Jozef ging van de stad Nazaret in Galilea naar Judea,
naar de stad van David die Bethlehem heet, aangezien hij van David afstamde,
om zich te laten inschrijven samen met Maria, zijn aanstaande vrouw, die
zwanger was. |
Laura
en Fleur krijgen nu een plan. Ze willen proberen alle kinderen die ze gemaild
hebben en nog veel meer kinderen bij elkaar te laten komen. Het liefst in
Bethlehem. De plek waar ooit de stal stond en de kribbe van Jezus.
Gelukkig was het de volgende dag zaterdag. Ze hebben nu tijd om overal heen
te mailen en te vragen of de kinderen naar Bethlehem komen. Een meisje uit
Ethiopië ontvangt de mail zaterdagmorgen om 12.00 uur. Ze schrijft
terug:
"Wat een wereldplan hebben jullie bedacht. Helaas kan ik niet zelf
komen, maar ik heb een nichtje, Ruta heet ze, in Nederland. Ik heb gevraagd
of zij jullie even mailt."
Niet lang hierna ontvangen Laura en Fleur een mail
van Ruta:
"Ik woon al heel lang in Nederland. Maar mijn ouders vieren het kerstfeest
nog altijd zoals in Ethiopië. Ik ga graag met jullie mee. Het lijkt
me heel leuk om Bethlehem in het echt te zien. Wist je trouwens dat wij
het kerstfeest altijd pas op 7 januari vieren?" |

Een
jongen uit Mexico, Juan heet hij, ontvangt de mail zaterdagmiddag om 13.00
uur en hij schrijft terug:
"Geweldig idee! Ik ben Juan en ik ben van de partij. Ik zie jullie
vannacht in Bethlehem."

Twee zusjes uit Finland ontvangen de mail zaterdagmiddag
om half twee. Ze heten Annuka en Elsa en ze schrijven: |
"Hallo
Laura en Fleur. Wij willen ook graag komen. We hebben thuis net de boom
versierd, maar één versiering nemen we mee naar Bethlehem."
"We moeten nog een notenslinger voor de vogels buitenhangen, want
dat hoort bij ons kerstfeest, en dan gaan we op reis. Tot vannacht!"

|
Laura
en Fleur krijgen het nu wel even benauwd. Hoe komen ze zelf in Bethlehem?
Fleur krijgt een helder idee. Ze mailt de dominee van haar kerk. Al snel
mailt ds. Anna Kristmas terug:
"Dag Laura en Fleur. Wat een wereldidee van jullie. Ik ben snel rond
gaan bellen en heb voor jullie een vliegtuig geboekt. Er gaan nog meer kinderen
mee. Jullie moeten om 8.00 uur vanavond op Schiphol zijn. Ik wilde dat ik
mee kon. Maar ik moet hier het kerstfeest vieren. Laten jullie ons weten
hoe het was? Tot ziens, en een gezegend kerstfeest, ds. Kristmas" |
Laura
en Fleur maken nu alles klaar voor de reis. Ze leggen een briefje neer voor
hun ouders: "wij vieren het kerstfeest in Bethlehem. Groeten, Laura
en Fleur." Na
een lange reis komen ze in Bethlehem aan. |
"Hè,
hè," zegt Fleur, "we zijn er. Wat een reis was dat. Maar
toegegeven, het is de moeite waard. Wat een prachtige sterrenhemel hebben
ze hier. Zie je die ene ster daar?"
"Ja, dat is de ster uit het kerstverhaal, denk ik. Hij zal ons de weg
wel wijzen naar de stal. Zie je trouwens al andere kinderen?"
Opeens doemen in het donker Wilhelm, Juan, Ruta,
Indira, Annuka en Elsa op. Ze hebben allemaal dingen bij zich die nodig
zijn voor hun kerstfeest. Wat onwennig lopen de kinderen naar elkaar toe.
"Buena notte," zegt Juan. "Jullie zijn zeker Fleur en Laura,
ik ben Juan en ik heb een kerstroos meegebracht."
"Een kerstroos?" zegt Laura.
"Ja, die hebben wij nodig om in de stal te zetten. Dat doen wij altijd.
Weet je wat wij ook doen? Wij gaan altijd in een optocht langs de huizen.
We spelen dan dat we een slaapplaats zoeken voor Jozef en Maria. Zullen
we straks ook in optocht naar de stal gaan?"
Fleur antwoordt: "Best. En wie ben jij?"
"Ik
ben Indira uit India. Ik heb een lichtje meegenomen. Want dat was ik nog
vergeten te vertellen. Wij steken ook op eerste Advent een lichtje aan.
Dat blijft branden tot het Christuskind, het licht van de wereld, geboren
is!"
"Hallo allemaal, ik ben Ruta en ik kom uit Ethiopië, al woon ik
nu in Nederland. Ik heb mijn allermooiste nieuwe kleren aangedaan want dat
hoort bij ons zo. En zie je mijn parasol? Dat hoort ook bij ons kerstfeest.
Wij nemen allemaal kleurige parasols mee naar de kerk omdat de zon bij ons
altijd schijnt. Een parasol geeft je bescherming, zoals ook het Christuskind
ons beschermt."
"Hoi, ik ben Wilhelm uit Duitsland. Ik heb geen kerstboom mee, maar
een verlanglijstje. Daar schrijf ik altijd op wat ik wil hebben met kerstfeest.
Want wij krijgen dan cadeautjes. Maar dit keer heb ik een heel bijzonder
verlanglijstje gemaakt. Speciaal voor dit kerstfeest."
"Wat staat erop dan?" vraagt Fleur.
"Niet lachen hoor. Maar ik heb erop gezet: Liefde, vrede, vriendschap."
"Dat is nogal wat."
"Hé, zijn jullie soms Annuka en Elsa?"
"Ja, en weet je wat wij mee hebben genomen? Een slinger met vlaggetjes
van allerlei landen! Die hangen wij altijd in de boom, en weet je waarom?"
"Nee"
"Dat is om te laten zien dat er vrede moet zijn tussen alle landen."
"Oké
mensen," zegt Laura "we zijn er allemaal. Zullen we maar op weg
gaan?
"Laten we die ster volgen," stelt Indira voor. "Dan komen
we vast bij de stal." |
|
Terwijl
iedereen op weg is naar de stal horen zij de blijde boodschap verkondigen:
"Terwijl Jozef en Maria daar waren brak de dag van haar bevalling
aan, en ze bracht een zoon ter wereld, haar eerstgeborene. Ze wikkelde
hem in een doek en legde hem in een voederbak, omdat er voor hen geen
plaats was in het nachtverblijf van de stad."
Kinderen uit de hele wereld vieren feest omdat dit kind geboren is. Jezus
Christus, onze Heer. Alle kinderen die naar Bethlehem gekomen zijn bieden
hun geschenken aan.
|
Wilhelm
geeft zijn lijstje: "dit kind zal de wereld liefde, vrede, en vriendschap
geven."
Indira met haar adventslichtje: "dit kind zal de wereld licht brengen."
Ruta geeft haar parasol en zegt: "dit kind zal ons beschermen"
Juan met z'n mooie rode kerstroos: "dit kind brengt de wereld tot
bloei"
Annuka en Elsa hangen de slinger met vlaggetjes op: "dit kind zal
de wereld vrede brengen"
"Wij hebben alleen onszelf meegenomen" zeggen Laura en Fleur.
"Maar misschien is dat al heel wat. Wij zijn heel blij dat we het
Christuskind gevonden hebben. Wij snappen nu waar het kerstfeest over
gaat."
Jozef zegt: "Bedankt voor alle mooie cadeaus!"
|
Alle
wereldkinderen nemen elkaar bij de hand en zeggen:
"GEZEGEND KERSTFEEST!"

|
|
  |