Juf Tamar: Dag Jesse, wat ben jij er vroeg bij vanmorgen. Had je zo’n zin om naar school te gaan?
Jesse: Nou, dat niet, of eh, ik bedoel, daarom ben ik niet zo vroeg. Maar ik had iets gevonden bij mijn boom in het bos en ik weet niet wat het is.
Juf Tamar: Spannend! Laat maar es zien dan!
Juf Tamar: Nee, maar, dat is toevallig! Precies zo’n afbeelding heb ik deze zomer gezien in een kerk, toen ik op vakantie was. Dat was niet op een tekening, maar in een raam!
Jesse: Wat is het dan?
Juf Tamar: Nou Jesse, het is eigenlijk wel grappig, want deze afbeelding heet: ‘De boom van Jesse’. Het is een afbeelding die in de Middeleeuwen, heel lang geleden dus, gebruikt werd om de mensen te laten zien wie de voorouders van Jezus waren.
Lezer: De juf vertelde verder en legde Jesse uit dat in de bijbel verteld wordt welke mensen in de stamboom van Jezus voorkomen. De boom begint bij Isaï en dan zie je koning David. De vader van koning David heette Isaï. Isaï werd ook wel Jesse genoemd. De zoon van David heette Salomo, die ook koning werd. Die koning staat ook op de tekening. En zo staan er heel veel koningen op totdat Jezus werd geboren.
Jesse: Dus als al die koningen in de stamboom staan dan is Jezus ook een soort koning?
Juf Tamar: Ja, Jesse, dat heb je goed begrepen. In de stamboom van Jezus, de boom van Jesse, staan vaak alleen de koningen getekend. Soms staan er een paar vrouwen bij, maar meestal niet.
Jesse: Ja, logisch. Mannen zijn ook belangrijker!
Juf Tamar: Ja, ja, denk dat maar. Het verstand komt met de jaren, zal ik maar zeggen.
Jesse: Hu?
Juf Tamar: Laat maar. Maar je hebt een prachtige tekening gevonden, Jesse.
Lezer: De juf geeft de tekening terug aan Jesse en Jesse gaat nog even naar buiten voor de school begint.
Bas: Hé, ben jij al binnen geweest. Wat moest je daar smoezen met de juffrouw?
Bent: Ja, vertel maar eens op, wat heb je allemaal gezegd?
Jesse: Niks. Jullie hebben er niks mee te maken.
Bas: Foutje man. Wij hebben overal mee te maken.
Bent: Dat je dat nou nog niet snapt.
Lezer: Gelukkig gaat de bel en moet iedereen naar binnen. Maar binnen loopt Bas direct door naar de juf.
Bas: Juf, Jesse heeft met u gepraat en hij wil niet zeggen waarover. Wij vinden dat niet eerlijk en wij willen weten waar hij het over had.
Juf Tamar: Nou, Bas, ook goeiemorgen. Jesse heeft inderdaad even met mij gepraat, maar het heeft niets met jou te maken. En als Jesse niet wil zeggen wat hij met mij besproken heeft dan hoeft dat ook niet. En ga nu maar naar je plek, want we gaan beginnen.
Lezer: De schooldag gaat snel voorbij. Jesse gaat vandaag naar huis, en als hij thuis is ziet hij op tafel de krant liggen. De grote kop in de krant valt hem direct op: