“Is deze plaats nog vrij?”
Een wat oudere man, die al een poosje een plaatsje aan het zoeken is op het zonnige terras, komt uiteindelijk bij de koster uit. Die trakteert zichzelf, tussen zijn werkzaamheden door, op een Bitter Lemon.
“Ja hoor, hier is nog plaats, gezellig. Het is hier werkelijk goed toeven.”
“Inderdaad, maar overal zitten de terrassen vol. Maar gelukkig heb ik nu een plaatsje gevonden.”
“Zomaar alleen op stap, of ben ik nu een beetje te nieuwsgierig?” vraagt de koster, die meestal wel zin heeft in een praatje.
"Dat mag u gerust weten. Mijn vrouw heeft de gewoonte om tijdens onze vakanties haar garderobe wat aan te vullen. Ze denkt dat het hier toch wat exclusiever is, dan thuis.
Zodoende sjokte ik elk jaar weer met haar mee, helemaal tegen mijn zin. Maar toen dacht ik nog dat het mijn plicht was om je vrouw te begeleiden. Zoiets hoort nu eenmaal bij het huwelijk. Maar ongeveer een half jaar geleden, ben ik totaal veranderd en ik kom sindsdien steeds meer voor mezelf op.”
“Dat is interessant. Maar nu u toch zo vrijmoedig aan het spreken bent, wil ik ook wel eens wat vragen.”
“Vraagt u maar,” is de spontane reactie. “Ik heb wel zin in een goed gesprek.”
De koster kijkt de man lachend aan: “Het gaat om je korte broek. Tegenwoordig niets bijzonders. Die draag ik ook regelmatig in mijn vrije tijd. Het kan zijn, dat u pas een nieuwe heeft gekocht, maar ik heb zomaar het idee, dat je nog niet dikwijls je blote benen hebt vertoond aan het volk.”
De man is zeer verbaasd en kijkt vol bewondering naar de koster: “Dat u dat ziet, dat is verbluffend. Maar u hebt wel gelijk, want zo ging het ook op strand, vroeger met de kinderen. Ja, daar zat ik dan, netjes in het pak, compleet met stropdas. Ik heb het zelfs een keer aangedurfd om een kwartiertje een zwembroek aan te trekken. Toen voelde ik mijn hart in mijn keel kloppen van emotie.”
“Toch kan ik dat goed begrijpen. Vroeger zat je dikwijls in een web van regels en je was steeds maar bang dat je het niet goed deed. Maar juist daarom ben ik nieuwsgierig, hoe je dan toch je koers ging wijzigen. Ik hoop dus, dat je me dat nu gaat vertellen.”
“Met alle plezier, maar dan bestel ik eerst een groot glas bier. Dat deed ik vroeger natuurlijk ook niet. Want de mensen zouden eens denken dat ik alcoholist zou zijn.”
Enige tijd later, na eerst eens uitgebreid geproefd te hebben van het heerlijke heldere bier, begint hij aan zijn verhaal.
“Ik lag al weken in het ziekenhuis en het ging steeds beter met me, tot ik onverwachts een infectie kreeg. Ik had nu eenmaal weinig weerstand. Daar lag ik dan met hoge koorts en een infuus met antibiotica. Man, wat was ik ziek. Waarschijnlijk lag ik ook nog te ijlen. In ieder geval veel fragmenten uit mijn leven kwamen voorbij. Maar het bijzondere was, dat het steeds fragmenten waren, dat ik voor mezelf had moeten opkomen. En dat ik altijd bang was geweest om alle zogenaamde regels te overtreden.
Alles bij elkaar was het waarschijnlijk nogal intensief, want ik kreeg steeds meer hoofdpijn.
Toen realiseerde ik me ook, dat de televisie van mijn buurman nogal hard stond. Maar ja, dat had ik natuurlijk ook weer goed gevonden, want hij vond het luisteren via een koptelefoon niet zo geweldig.
Toen ineens gebeurde het. Dit werd het keerpunt in mijn leven en ineens wist ik het; ik ga anders leven!
Ik verzamelde alle kracht, ging rechtop in bed zitten en zei tegen mijn buurman, dat het nu wel eens tijd werd dat de TV uitging. En ik belde, zonder aarzeling, de nachtzuster en vroeg gewoon om een slaaptabletje, ook iets wat ik nooit zou doen. Daarna heb ik heerlijk geslapen.”
“En zo te zien is het ook allemaal goed gekomen met de gezondheid?”
“Gelukkig wel, na enkele dagen was ik thuis en kon ik beginnen met mijn leven anders te gaan inrichten, zoals wat meer voor mezelf op te komen.”
De koster die het verhaal goed begrijpt, herkent hier zelf veel dingen in.
"Maar nu dus mijn vraag: Is het ook een goed besluit geweest?”
De man pakt spontaan zijn glas bier en roept:“Proost! Het is een geweldig goede beslissing geweest.”
Een aantal mensen om ons heen, roepen ook proost, maar die weten helaas niet wat de eigenlijke reden is.
“Ik ben blij dat je het verhaal hebt verteld. Het zou goed zijn, dat meer mensen jouw verhaal hoorden. Daarom vraag ik jou, om het verhaal te publiceren in het kerkblad. Dat doe ik wel eens meer, ik ben n.l. koster hier in de stad.”
“Dat is wel leuk. Nee, … dat is eigenlijk een hele eer! Maar ik zou het dan zelf ook wel willen lezen!”
“Dat komt voor elkaar.” De koster overhandigt de man een bierviltje, met daarop de website van de kerk. De man bedankt de koster en zegt:“Maar ik ben blij, dat je wilde luisteren, want je verhaal kwijt kunnen, is soms ook een probleem.
Ben Ramondt