HET PARADIJS.

"Nou, nou, dat was zeker een moeilijk gesprek?" vraagt de koster belangstellend aan de dominee, die heel ernstig kijkt.
"Ach ja, voor sommige mensen gaan de veranderingen weleens te snel. Heeft u daar geen moeite mee?"
"Soms wel... al had ik er vroeger meer moeite mee." 
De predikant antwoordt enigszins verbaasd: "Maar dat is toch meestal andersom?"

"Nou ik heb in m'n jonge jaren tegengestemd, toen men de Jongelingsvereniging en de Meisjes vereniging samen wilde voegen."
"Inderdaad, dat had ik ook niet van u verwacht. Had u toen iets tegen dames?"
"Nee totaal niet, maar het had te maken met een inleiding die ik gemaakt had op de JV. 
Daar kreeg ik nogal wat commentaar op. Als u even tijd heeft, zal ik het u wel even vertellen.

"Ik moest als achttienjarige een inleiding houden over het onderwerp: "Waarom juist de slang Eva in het paradijs had verleid."
"Om zelf een onderwerp uit te zoeken, daar hadden ze toen nog niet van gehoord. 
Je was gewoon aan de beurt. Ze zochten nog wel wat boeken voor me op. En daar moest je het maar mee doen en kon ik beginnen aan m'n studie. Ze verwachtten wel, dat je er een goed verhaal van maakte." 

Ik was daar natuurlijk helemaal nog niet aan toe. 
Natuurlijk heb ik wel geprobeerd die boeken te lezen, maar ik begreep er nauwelijks iets van. 
Maar ja, omdat ik er toch nog iets van wilde maken, probeerde ik het maar op m'n eigen manier weer te geven, hoe het een en ander had kunnen plaatsvinden."

De inleiding ging als volgt: "Terwijl Eva aan het baden was in een van die mooie meren van het paradijs begon die slang onverwacht een gesprek met haar. Maar Eva schrok daar helemaal niet van en ging gewoon verder met baden, ook al was ze naakt. Ze vond dat heel gewoon, want ze schaamde zich voor niets of niemand. 
 
Ik wilde absoluut niet leuk zijn en zeker niemand kwetsen. Maar een aantal van de jongere leden ging er om lachen. En dat was tijdens het behandelen van het onderwerp zeker een taboe. 
Vooral de voorzitter vond het allemaal ongepast. Want zoiets hoort niet op een Jongelings Vereniging. Ik hoor het hem nog zeggen; "We leven nu na de zondeval". 
Ik durfde niets meer te zeggen, dus ook niet verder te lezen. Maar ik ging na de vergadering wel verdrietig naar huis. 

Een paar maanden later, moesten we stemmen over de vraag: bent u voor of tegen het gezamenlijk vergaderen van jongelingen en jonge dames. Het was de bedoeling om zo tot een gezamenlijke GJV te komen. 
Mijn mening was toen: "als ik nauwelijks iets mag zeggen over Eva, dan komen er ook geen "Eva's" bij de JV". 

"Ik heb over mijn stemkeuze nooit durven praten. Maar nu, na veertig jaar, moet het er maar eens van komen. En dan nog wel tegen een dominee."

"Ach koster, ik denk dat de jongelui van nu, nauwelijks iets van je verhaal begrijpen".
En al helemaal niets van het commentaar er op. In ieder geval hadden ze je toen moeten ondersteunen, of toch zeker moeten uitleggen, waarom je het niet mocht zeggen. 
Maar het is wel goed, dat u het me nu toch eens verteld hebt. 
Je zou toch meteen terug willen naar zo'n paradijs. Laten we daarom proberen koster, er nu iets van te maken. En ons best doen elkaar te begrijpen en in ieder geval naar elkaars meningen te luisteren. Dat was vroeger al moeilijk, maar het blijft nog steeds moeilijk. Dat ervaar ik maar al te vaak."

Ben Ramondt.